
Cloudkosten onder controle houden
Cloudkosten ontploffen bijna nooit. Ze kruipen, vijf procent per maand, tot iemand merkt dat de rekening veertig procent hoger is dan vorig jaar en niemand kan zeggen welke beslissing dat veroorzaakt heeft.
De meeste overschrijding komt van vijf dingen: omgevingen die niemand uitzette, opslag op een laag die eenmalig gekozen is, back-ups die veel langer bewaard blijven dan het beleid vraagt, resources gedimensioneerd op een lanceerpiek die nooit terugkwam, en data die het platform verlaat.
Label alles zodat uitgaven aan een team of project toe te wijzen zijn. Ongelabelde resources zijn precies de resources die niemand uitzet, want niemand weet van wie ze zijn.
Een maandelijkse bespreking van twintig minuten over de tien grootste posten vangt vrijwel alles op. Een jaarlijkse bespreking vangt niets op, want dan is de scheefgroei normaal geworden.
De vijf posten die het meeste veroorzaken
| Oorzaak | Hoe het ontstaat | Gebruikelijk aandeel |
|---|---|---|
| Stilstaande omgevingen | Een test- of acceptatieomgeving voor een project dat afgelopen is | Vaak de grootste enkele post |
| Opslaglaag | Alles op de snelste laag omdat dat de standaard was | Fors en makkelijk op te lossen |
| Bewaartermijn back-up | Zeven jaar bewaard terwijl het beleid een jaar zegt | Groeit stilletjes en krimpt nooit |
| Te ruim gedimensioneerd | Gedimensioneerd op een lanceerpiek die nooit terugkwam | Zeer gebruikelijk na een migratie |
| Uitgaand verkeer | Data die het platform verlaat, vaak naar een rapportagetool | Klein tot het dat niet meer is |
Labelen is de hele discipline
De reden dat niemand een ongebruikte omgeving uitzet, is dat niemand zeker weet van wie hij is of wat er stukgaat als hij weggaat. Labelen lost dat op: elke resource draagt een eigenaar, een project en een omgevingslabel, toegekend bij het aanmaken en niet achteraf.
Handhaaf het. Beleid dat het aanmaken van een ongelabelde resource blokkeert is een week lang impopulair en bespaart jarenlang geld. Achteraf labelen komt nooit af, want de resources die je het liefst wilt herleiden zijn precies de resources waarvan de eigenaar vertrokken is.
De maandelijkse routine van twintig minuten
- Open de tien grootste posten. Niet de hele rekening. In de top tien zit het geld.
- Vergelijk met vorige maand. Alles wat meer dan tien procent groeide krijgt een zin uitleg.
- Zet ongelabelde resources op een lijst. Wijs een eigenaar toe of zet hem na een waarschuwingstermijn uit.
- Kijk naar de niet-productieomgevingen. Draaien test en acceptatie buiten werktijd, en moet dat?
- Kijk naar de trend, niet naar het getal. Een dure maand is ruis; drie stijgende maanden is een beslissing die iemand genomen heeft.
Wij nemen dit op in de maandrapportage in plaats van het als apart optimalisatieproject te behandelen, en dat staat beschreven onder service governance.
Verplichtingen en reserveringen
Gereserveerde capaciteit en savings plans verlagen het tarief flink in ruil voor een vaste looptijd. Ze zijn de moeite waard voor alles wat echt stabiel is, en een valkuil voor alles waar je nog over nadenkt.
De regel die wij aanhouden: verplicht je alleen aan wat drie maanden onveranderd gedraaid heeft en naar verwachting nog een jaar draait. De rest blijft op afroep. Je vroeg vastleggen aan een workload die zes maanden later herontworpen wordt, kost meer dan de korting oplevert.
Niet alles hoort in de cloud
Voorspelbare, constante workloads met grote datavolumes zijn regelmatig goedkoper op eigen hardware, en dat is zichtbaarder geworden nu de kosten voor uitgaand verkeer en opslag gestegen zijn. Dat is geen argument tegen cloud; het is een argument tegen een antwoord voor de hele omgeving.
Wij kijken per workload: piekerig en wisselend naar de cloud, constant en datazwaar vaak beter waar het staat. Blijft virtualisatie op locatie, dan werken we met VMware, Nutanix en Proxmox, en de afwegingen staan in Azure, AWS of blijven waar je zit.
Iemand moet de rekening bezitten
De sterkste voorspeller of cloudkosten onder controle blijven, is of een benoemd persoon er elke maand naar kijkt. Geen afdeling, geen gedeelde mailbox, een persoon.
Dat hoeft geen technisch persoon te zijn. Een collega van finance die vraagt waarom regel vier met achttien procent gegroeid is, levert een beter resultaat op dan een engineer die de rekening begrijpt maar geen reden heeft hem in twijfel te trekken.
Vragen die we hierover krijgen
Wat langskomt als een rekening is opgelopen.
Waarom blijft onze cloudrekening stijgen?
Vrijwel altijd door scheefgroei en niet door een enkele beslissing: omgevingen die blijven draaien, opslag op een snelle laag die nooit herzien is, back-ups die langer bewaard blijven dan het beleid, en resources gedimensioneerd op een piek die niet terugkwam. De tien grootste posten maandelijks nakijken vangt bijna alles.
Hoeveel kunnen we realistisch besparen?
Op een omgeving die nooit is nagekeken is tien tot dertig procent gebruikelijk zonder dat gebruikers er iets van merken. Het meeste komt van uitzetten wat niemand gebruikt en koude data naar een goedkopere laag verplaatsen.
Zijn reserved instances de moeite waard?
Voor workloads die drie maanden onveranderd gedraaid hebben en naar verwachting nog een jaar draaien: ja. Voor alles wat nog ontworpen wordt: nee. Je vroeg vastleggen aan een workload die herontworpen wordt kost meer dan de korting oplevert.
Moet alles naar de cloud?
Nee. Constante, voorspelbare workloads met grote datavolumes zijn regelmatig goedkoper op eigen hardware, zeker als je uitgaand verkeer meetelt. De bruikbare vraag is welke workload waar hoort, niet of je in de cloud moet zitten.
Waar dit bij ons terechtkomt
Waar cloudwerk zit.
Wil je dit voor je eigen locaties laten bekijken?
Een half uur bellen is meestal genoeg om te weten of wij de juiste partij zijn, en we zeggen het als we dat niet zijn.